Beinvloeding op de flow bij vacuumzuigerij


Geschreven door: Carlita Versteeg-Kemman op 2015-07-23 14:30:48


Om goed en veilig gebruik te maken van vacuümzuigerij is flow zeer belangrijk, maar helaas onderschat van belang. Vacuüm bestaat uit de kracht die u instelt op de regelaar en de flow, en deze laatste is belangrijk voor de effectiviteit.

Stelt u zich eens voor:
U heeft een beker karnemelk en een beker yoghurt. Karnemelk is niet altijd even geliefd bij iedereen, maar voor dit experiment is dit een ontzettend lekkere karnemelk. Bij deze bekers heeft u drie verschillende rietjes: het ouderwetse dunne rietje, een dikker cocktail rietje en een meter lang dik rietje dat u vast wel eens gezien hebt op foto’s van een gezellig sangria feestje.
Gebruikt u het dunne rietje bij de beker karnemelk, dan kost het u weinig moeite om dit op te zuigen. Als u ditzelfde rietje gebruikt bij de beker yoghurt, dan zult u al merken dat het u meer kracht kost dit op te zuigen (dit is het verschil in viscositeit van de vloeistof). Pakt u nu het korte dikke rietje, dan gaat het opzuigen van de karnemelk en ook van de yoghurt gemakkelijker.
Dit geeft aan dat het vergroten van de diameter van gunstige invloed is.
Maar neemt u nu het enorm lange dikke rietje, dan zult u merken dat zowel de karnemelk als de yoghurt een stuk meer kracht kost om het op te zuigen. De lengte heeft dus ook een groot effect op de resultaten van zuigerij.
In dit voorbeeld is al snel duidelijk dat het korte dikke rietje het beste resultaat opleverde; ongeacht de viscositeit van de vloeistof, was het relatief eenvoudig de vloeistof op te zuigen. In onderstaande toelichting wil ik voor de verduidelijking een aantal keren refereren naar dit voorbeeld.

Flow wordt beïnvloed door een aantal factoren (Bron: Principes van vacuüm en klinische toepassing in de ziekenhuis-omgeving): 

  1. De mate van negatieve kracht ingesteld op de vacuümregelaar (het gradiënt).
  2. De weerstand van de vacuümregelaar en de aansluitingen.
  3. De viscositeit van het materiaal dat weggezogen moet worden. (Spoelvloeistof is dunner (viscoser) dan bloed, bloed is dunner dan maaginhoud)

De wens is om de flow zo optimaal mogelijk te hebben voor veilig en goed gebruik bij de vacuüm toepassingen. Dit is al eenvoudig te verbeteren met de materialen die u in huis heeft, als u de vacuümprocedures volgt zoals aangegeven in de desbetreffende ISO normen. (10079). In dit item zullen eerst deze mogelijkheden weergegeven worden en daarna zal er meer ingezoomd worden op ieder punt.

De flowhoeveelheid is op drie manieren gunstig te beïnvloeden:

  1. Toename van de inwendige diameter van de slang en de connectors.
  2. Afname van de lengte van de slang.
  3. Toename van negatieve druk.

Toename van de inwendige diameter van de slang en connectors.
In de meeste gevallen is toename in flow verreweg het grootst als een wijdere slang-diameter wordt toegepast, meer nog dan door gebruik van een kortere slang. Een kleine diameter connector kan aanzienlijke flowbeperkingen veroorzaken, zelfs als de slangdiameter groot is. Waar de diameter van katheters, die gebruikt worden in het lichaam voor zuigprocedures, beperkt wordt door de anatomie van de patiënt, blijft alleen over: de slang van de opvangpot naar de katheter die nog gewijzigd kan worden.  Het effect van vergroting van de diameter is zelfs te berekenen: Als de diameter verdubbeld wordt (bijvoorbeeld van 3 naar 6mm) dan wordt de flow van lucht vergroot met factor 5. Voor vloeistoffen geldt zelfs een verbetering met factor 16!
Zoals gemerkt in bovenstaand voorbeeld was het gebruik van een dik rietje makkelijker dan een dun rietje; zeker bij erg ‘dikke’ vloeistoffen.

Vermindering van de lengte van de slang.
Hoe langer de slangen zijn, die toegepast worden, hoe meer moeite het kost het systeem goed te laten functioneren. Denkt u maar weer aan het opzuigen van de karnemelk en yoghurt door het meter lange rietje (of heeft u wel eens water uit de tuinslang proberen te blazen…). Het materiaal dat weggezogen wordt, moet van het ene punt naar het andere punt verplaatst worden. Het is vanzelfsprekend dat dit proces sneller gaat als de afstand zo kort mogelijk is. Maar ook telt mee dat extra meters slang extra weerstand opleveren voor het materiaal, het materiaal ‘kleeft’ over een veel langer traject langs de wanden van de slang.

Ook dit effect is te berekenen: Wanneer de lengte van de slang gehalveerd wordt, zal de flow toenemen met factor 1,5 voor lucht (en zelfs met factor 2 voor vloeistoffen!)

Toename van negatieve druk.
Uiteraard kunt u ook de zuigkracht van de regelaar verhogen, maar deze aanpassing is het minst wenselijk. Als u de zuigkracht vergroot, dan wordt het verschil (het gradiënt) tussen patiënt en regelaar groter, dat heeft effect op de flowsnelheid. Wenselijk is dat de zorgverlener slechts die minimale hoeveelheid negatieve druk gebruikt die nodig is voor het vervullen van de zuigprocedure. Hogere zuigkrachten kunnen immers schade aanrichten op het kwetsbare weefsel.


Concluderend:
Is de flow niet effectief genoeg voor uw toepassing: let dan eerst op de slangen en aansluitingen! Worden er niet onnodig lange slangen gebruikt? Kan ik slangen en aansluitingen gebruiken die een grotere diameter hebben? Aanpassingen die eenvoudig zijn toe te passen in het belang van de patiënt, voordat de zuigkracht verhoogd wordt. Ideaal is: de slang zo kort en zo wijd mogelijk. 

Misschien maar goed dat er op die sangria feestjes enorm lang rietjes worden gebruikt….